
Kijk eens door mijn ogen: wat gebeurt er als je niet alleen naar het gedrag van je kind kijkt?
Je vraagt voor de derde keer of je kind zijn schoenen wil aantrekken. Geen reactie. Je vraagt het nog een keer en krijgt een zucht, een geïrriteerde blik of misschien zelfs een grote mond terug. Op zo’n moment denk je al snel: mijn kind luistert niet. Maar soms helpt het om iets verder te kijken. Misschien was je kind nog helemaal ergens anders mee bezig, wil je puber graag meer zelf bepalen of zit er al de hele dag iets dwars. Dat betekent niet dat je alles hoeft te accepteren. Grenzen blijven belangrijk. Maar als je beter begrijpt wat er achter het gedrag zit, kun je vaak ook anders reageren.
Als boosheid groter lijkt dan de situatie
Misschien herken je dit ook. Je kind wordt ontzettend boos om iets wat voor jou heel klein lijkt. Een verkeerd bord bij het eten. Een spelletje dat moet stoppen. Huiswerk dat niet lukt. Of een opmerking waar jij helemaal niets verkeerd mee bedoelde. Je eerste gedachte kan dan zijn: waar gaat dit nou weer over? Toch gaat die boosheid lang niet altijd alleen over dat ene moment. Misschien was de dag al druk. Misschien zit je kind niet lekker in zijn vel. Of misschien weet je kind zelf nog niet goed hoe het moet vertellen wat er aan de hand is. In plaats van direct te zeggen dat je kind zich niet zo moet aanstellen, kun je eerst benoemen wat je ziet.
“Volgens mij zit je ergens heel erg mee.”
Of:
“Ik zie dat je heel boos bent. Wil je vertellen wat er aan de hand is?”
Soms krijg je daar meteen antwoord op. Soms ook helemaal niet. Maar je laat wel merken dat je niet alleen kijkt naar het gedrag, maar ook naar wat erachter kan zitten.
Ook jij hebt een grens
Andersom geldt precies hetzelfde. Je kind ziet misschien een ouder die boos wordt omdat de jas wéér op de grond ligt. Maar wat je kind niet ziet, is dat je die dag al honderd dingen hebt geregeld. Dat je moe bent. Dat je al vijf keer iets hebt gevraagd. En dat je op dat moment gewoon even geen geduld meer hebt. Ook dat hoort bij opvoeden. Kijken door de ogen van je kind betekent niet dat jouw gevoel er niet meer toe doet. Juist niet. Het helpt wanneer je ook kunt uitleggen wat er bij jou gebeurt. Bijvoorbeeld:
“Ik merk dat ik geïrriteerd raak, omdat ik je dit al een paar keer heb gevraagd. Wil je je jas nu even ophangen?”
Daarmee blijf je duidelijk, maar voorkom je dat een klein moment meteen uitgroeit tot een grote ruzie. Begrijpen en grenzen stellen kunnen tegelijk. Soms denken ouders dat ze moeten kiezen. Of begrip tonen, of streng zijn. Maar die twee kunnen prima naast elkaar bestaan. Je kunt zeggen:
“Ik snap dat je nog wilt gamen, maar we hadden afgesproken dat je om acht uur stopt.”
Of:
“Ik begrijp dat je boos bent, maar ik wil niet dat je zo tegen mij praat.”
Je erkent daarmee wat je kind voelt, zonder je grens los te laten.
Kijk eens door elkaars ogen
Tijdens de Week van de Opvoeding is het thema ‘Kijk eens door mijn ogen’. Een mooie reminder dat gedrag niet altijd het hele verhaal vertelt.
Wanneer je kind boos wordt, niet luistert of zich terugtrekt, kun je jezelf eens afvragen: wat zou er nog meer kunnen spelen? En andersom mag je kind ook leren dat jij als ouder niet altijd eindeloos geduld hebt en dat opvoeden soms gewoon veel vraagt. Je hoeft elkaar niet altijd direct te begrijpen. Maar proberen te kijken naar wat er achter een reactie zit, kan al veel verschil maken. Niet zodat alles mag. Wel zodat je elkaar misschien net iets beter bereikt.

